Letter Challenge – Day 6

Geplaatst opnovember 3, 2010

0


Day 6 Challenge – To a former lover

Liefste,

Vandaag kan ik vervellen zonder dat het te veel zeer doet. Mijn huid kan zachtjes loslaten en geluidloos rond mijn blote voeten vallen wanneer het nodig is. Ik ben schoon geschrobd en geboend en mijn vingers zijn rimpelig omdat ik te lang in het warme water heb gelegen. Ik kan laten gaan en terug laten komen en het beiden zien als logische gevolgen die ik omarm.

Lang heb jij teder mijn wonden verzorgd, verbanden gelegd en zwijgend naast me gezeten. Je sprak met kleine woorden en liet ze groeien totdat ze in de ruimte rond zongen en in mijn holle borstkast weerkaatsten. Ze vulden langzaam maar zeker ook alle andere lacunes, mijn lege hoofd, mijn verzetloze lichaam en het gat dat ik voor mezelf had gegraven. Jouw beminding liet mij mijzelf vergeten totdat ik mijn lijf, dat ik tot dan toe als veeg had beschouwd, opnieuw ontdekte en wij er samen van gingen houden. Samen hebben we mij terug gevonden.

Niet met sloopkogels, maar met vederzachte aanrakingen en gefluisterde zinnen brak jij mijn muren af totdat ik weer zonlicht zag en ik opnieuw opgebouwd kon worden. Zoals een tuinier naar zijn tuin kijkt, zo keek jij naar mij, ervoor zorgend dat ik voldoende water en voeding had, met zachte handen die mij beschermden van lustige roofdieren en mijn bleke wortels bloot legden.
Nu, nu durf ik lief te hebben en met lef los te laten.
Vandaag kan ik de deur uit en zorgeloos zijn, terwijl ik ook ’s avonds in foetushouding in bed kan liggen om zachtjes te huilen over al het onrecht dat plaatsvindt. Jij joeg mijn angsten weg en liet mij aansterken.

Jij roerde mijn hart en gooide het ook omver, waarbij je wat morste en er iets spetterde, maar het maakt nu niets meer uit. Het hoorde erbij. Ik verbrand uit wrok jouw brieven niet, ik sluit uit woede mijn ogen niet voor jou en ik wil niet de rol die jouw bestaan gespeeld heeft gaan ontkennen. Ik wil zijn, met jou in de buurt misschien, en jouw aanwezigheid erkennen. Ik kan met een zweem van een glimlach aan je denken, jij bent van betekenis geweest. Mijn hartritme stuitert soms nog zwakjes als ik je zie, ook al bekruipt me soms een gevoel van nervositeit als ik naar je gezicht zoek in een menigte. Ik ben mijn bloedbaan bewust gaan worden door de warmte die je er doorheen hebt verspreid en ik ben dankbaar voor jouw nalatenschap, al kan jij woedend zijn op de mijne.

Je moet weten dat ik je nooit moedwillig heb gekwetst en dat ik je nooit heb bespeeld. Ik hoop dat je me kent en beseft dat aan alle epische liefdesverhalen ook eindes komen, zo ook aan de onze.
We zijn van hoogzomer naar een warme herfst gegaan, we hebben de winter gezien die gevolgd werd door de voorzichtige lente. We zijn helemaal heen geweest om ook weer terug te komen en ik had het, inclusief alle laagtepunten, niet willen missen.

Je moet weten dat ik je koester.